 | Dagpauwoog (Aglais io)Rups; Vlinder; Vlinders; Dagpauwoog Eerstvolgende tuintip of onderhoudmrt1mei20De dagpauwoog vliegt vanaf maart/april (afhankelijk van de temperatuur in het voorjaar) en in zachte winters kan je hem zelfs in januari en februari al zien. |
Beschrijving
Met zijn prachtige tekening is de dagpauwoog een graag geziene verschijning. De ogen dienen ter afschrikking van vijanden. Net als veel van zijn familieleden is ook van de dagpauwoog afhankelijk van de grote brandnetel als waardplant. Zijn favoriete nectarplant is de vlinderstruik, maar hij is ook regelmatig te vinden op andere nectarplanten.
Meteen na het uitkomen spinnen de rupsen enkele bladeren bijeen waarin ze gezamenlijk leven. Als de betreffende brandnetel is kaalgevreten, verhuizen ze naar een andere, jonge en liefst grote plant en maken opnieuw een spinsel.
De dagpauwoog overwintert als vlinder op een donkere, koele en beschutte plek, zoals een holle boom of een schuur. Op zonnige voorjaarsdagen in februari komen de eerste vlinders weer te voorschijn. Aanvankelijk zoeken ze uitsluitend naar nectar van onder andere sleedoorn, klein hoefblad en paardebloem. In het najaar zijn geschikte nectarplanten bijvoorbeeld koninginnenkruid, akkerdistel en vlinderstruik.
Vleugels en tekening
Voorvleugellengte: 24-31 mm. Een roodachtig bruine vlinder met op de bovenkant van alle vier de vleugels een grote opvallende oogvlek. De onderkant van de vleugels is zwart.
Voorkomen
Een zeer algemene standvlinder die verspreid over het hele land voorkomt.
Habitat
Vooral ruige graslanden, bloemrijke randen van bos- en heidegebieden, dijken, parken en tuinen.
Vliegtijd en gedrag
Eind juni-oktober en na de overwintering van begin maart-eind mei in één generatie. De vlinders voeden zich met nectar van verschillende soorten planten. In het voorjaar houdt het mannetje een territorium bezet.
Levenscyclus
Rups: eind april-half juli en in de maand september. Jonge rupsen leven in groepen in spinselnesten, volwassen rupsen leven solitair. De verpopping vindt meestal plaats op de waardplant, maar soms op een struik of muur in de omgeving daarvan. De soort overwintert als vlinder op een vochtige en koele plaats in een boom of gebouw.
Meer lezen?
Meer informatie over de Dagpauwoog vindt u op Vlindernet.
Kenmerken